donderdag 3 december 2020

HET EILAND VAN OLIFANT - Leo Timmers (Querido)

Heel mooi vormgegeven (door Maarten Deckers en door Timmers zelf) en heel mooi uitgegeven (met stofomslag) door Querido - dat is het nieuwe prentenboek van Leo Timmers. Na vele hoogtepunten in de afgelopen jaren, zoals bijvoorbeeld het alom beprijsde Een huis voor Harry, is er dit keer Het eiland van Olifant, waarin een olifant schipbreukeling wordt op een mini-mini-eilandje. 

Zij (of hij) kan er nét rechtop staan en moet afwachten of er redding komt. Die blijft niet lang uit: het ene na het andere bootje komt langs. Helaas past Olifant in geen van die bootjes, en dus volgt een mooie tournure, waarin Olifant en de net aangekomen schippers de onderdelen van hun in elkaar gevallen boten gebruiken om van het eenzame eiland een prachtig thuis-eiland te maken. 

Zoals altijd blinkt Timmers weer uit in de opbouw van zijn platen en in de opbouw van zijn constructies. De wankele, maar oergezellige bouwwerken doen altijd zo uitnodigend aan dat je er meteen in zou willen gaan verblijven, en ook nu is dat niet anders. Het boek mondt uit in een ode aan het samenzijn, wat het verhaal (dat op rijm verteld wordt, maar ook zonder tekst begrepen kan worden) een mooie extra laag geeft. Daarnaast zijn er de steeds fijnzinniger wordende texturen (in de golven bijvoorbeeld en vooral in de huid van Olifant) en de prachtige breed geschilderde en breed gekleurde luchten. Een ogenfeest dus weer, deze nieuwe Timmers. 

32 pagina's, leeftijd: 4+. Koop dit boek bij je lokale boekwinkel, of bestel het hier.


vrijdag 27 november 2020

DIKKE VRIENDJES DURVEN ALLES - Ingrid & Dieter Schubert (Leopold)

Het begint al met schutbladen vol buitelend spelende marmotjes (de hoofdpersonen uit dit nieuwe prentenboek van de Schuberts). Ze voetballen en stoten zich daarbij aan een steen (huilen) of springen al balancerend over elkaar heen. Een lekker dynamisch begin.

Die dynamische jonge-kinderen-speel-energie straalt vervolgens uit het hele boek. De twee vriendjes trekken aan het begin met zelfgemaakte vlag en met een rugzakje vol wortels de wereld in, want, zeggen ze, ze durven alles. En dat blijkt. Ze beklimmen een berg, ze springen over een diepe kloof, ze gaan pootjebaden in een ruige zee. Alleen, en dat is natuurlijk de grap waar de kinderen die dit boek voorgelezen krijgen, steeds weer om zullen lachen, de twee vriendjes bedienen zich van een vrolijke grootspraak en zoeken een heuveltje uit in plaats van de berg en een plasje water in plaats van de oceaan. Daarmee is dit prentenboek een leuke illustratie van vooral één mooi woord dat spelende kinderen soms vertonen: bravoure. 

Zoals altijd is de verbeelding van de Schuberts tot in de puntjes verzorgd. Het is genieten van de uitdrukkingen en de lichaamshoudingen van de marmotjes, van de zwier en de beweging die in elke prent aan te treffen is, maar ook van de achtergronden en de warme kleurstelling. Beeld en tekst zorgen ervoor dat dit boek heel fijn woelt.

32 bladzijden, leeftijd: 4+. Koop dit boek bij je plaatselijke boekhandel, of bestel het anders hier.

dinsdag 24 november 2020

DE HEERLIJKSTE 5 DECEMBER IN VIJFHONDERDVIERENZEVENTIG JAAR - Annie M.G. Schmidt & Noëlle Smit (Querido) - PIPPI EN DE DANSENDE KERSTBOOM - Astrid Lindgren & Annet Schaap (Ploegsma)

Annie en Astrid & Sinterklaas en Kerst: twee keer twee grootheden. In zowel een heruitgave van Annie M.G. Schmidts Sinterklaasverhaal, met nieuwe tekeningen van Noële Smit, als een heruitgave van het Pippi-kerstverhaal van Astrid Lindgren, met tekeningen van Annet Schaap. Twee onslijtbaar fijne seizoensprentenboeken.

In De heerlijkste 5 december in vijfhonderdvierenzeventig jaar (prachtig omslagdesign door Roald Triebels) lijden Sint en Piet schipbreuk. Ze spoelen, zich vastklampend aan een plank, ergens in Frankrijk aan, waar Sint zegt: 'Nous sommes Saint Nicolas et Pierre.' Dat wordt niet begrepen, maar ze worden gelukkig met spoed naar Nederland vervoerd. Alleen: daar herkent niemand hen. Niemand? Nee, niet niemand...

Waar het verhaal die echte Schmidt-frisheid bevat, zijn de nieuwe tekeningen in dit ruim opgezette prentenboek van Noëlle Smit van evenveel frisheid. Maar ook zijn ze een geweldige baai van kleur, waar ieder kijkend kind in mag verdwijnen. Groenblauwe golven, pakjes in alle tinten, kinderen in alle tinten en vooral die schitterende landschappen... Het Franse berglandschap bijvoorbeeld, maar ook ouderwetse Amsterdamse stadsdecors. Met een respectvolle buiging naar Fiep Westendorp buit Noëlle Smit werkelijk alle mogelijkheden van dit verhaal uit. 

Pippi Langkous brengt in Pippi en de dansende kerstboom een complete kerstviering naar Pelle, Bosse en de kleine Inga, die diep verdrietig zijn omdat hun vader uit varen en hun moeder in het ziekenhuis is. Met een kerstboom op haar hoofd (letterlijk) beklimt ze, zittend op haar paard en vergezeld door meneer Nilsson, het aapje, de houten trappen naar het appartement van de onfortuinlijke kinderen. En daar begint het feest, dat zeer des Pippi's is omdat ze vindt dat je niet óm maar mét de kerstboom moet dansen. Vrolijkheid, sfeer en mededogen, dat brengt dit verhaal en kerstiger kan het bijna niet. Ook niet in het beeld: Annet Schaap leefde zich uit op de besneeuwde straten, maar ook op details bij de arme kinderen Larsson thuis. Zo hangen er overal tekeningen van papa en mama en ligt er op tafel een brief aan moeder klaar. 

In de beste mix van klassiek en van nu horen deze twee prentenboeken van deze twee grootmeesteressen met deze twee geweldige tekenomgevingen tot elke decemberbibliotheek.    

Beide boeken: 32 bladzijden, leeftijd: 5+. Koop ze bij je lokale boekhandel, of bestel ze hier (Schmidt) of hier (Lindgren).


dinsdag 17 november 2020

ER WAS EENS EEN KOE - Pim Lammers & Marije Tolman (Querido)

Het laatst verschenen deel in de Tijgerlezenserie is het tweede dit jaar van Pim Lammers. Eerder verscheen al het vrolijke Hoe beroof je een bank? en nu is er Er was eens een koe. Een koekalfje, Eefje, is dol op sprookjes - maar ze gaan nooit, werkelijk nooit over háár. Ezels, wolven en biggetjes, ze hebben allemaal hun eigen sprookjes, maar waar is er een Doorn-koetje, een Sneeuw-koetje, een Rood-koetje of een Hans en Koetje

Een terechte vraag, want inderdaad, ook sprookjes gaan soms van stereotypen uit en hele groepen kinderen zijn in onze westers georiënteerde sprookjes weinig gerepresenteerd. Pim Lammers benoemt dit nergens, maar Er was eens een koe is heel subtiel wel een geruststelling, want de onderliggende, als vanzelf door kinderen meegelezen hoofdboodschap is: uiteindelijk zijn er sprookjes voor iederéén. Dat klinkt overigens heel volwassen en serieus, maar het fijne van dit boek is nu juist de toegankelijkheid en de vrolijkheid. Zo gaat Eefje bij een bende kuikens langs, die eigenlijk alleen maar bezig zijn met volkomen hyperdruk zijn. Ze willen vooral Tokkertje spelen, en Verstokkertje. En dat is nog maar het begin van de zoektocht van Eefje naar een eigen sprookje.

Een waar genot zijn ook de tekeningen van Marije Tolman. Die zijn zo speels, zo kleurrijk, en ja, zo (sorry als dit een beetje te plat klinkt) lollig. Je kunt zien dat ze zich achter haar tekentafel zeer vermaakt heeft met alle oma's in boze wolven, alle gelaarsde kippen en alle keutelende ezels. Het is al zichtbaar op het omslag: de blik van dat verslagen draakje! En dan stoere kalf-Eefje die er met de vergiet op haar kop naast staat... Het kan niet anders dat het plezier van zowel de schrijver als de tekenaar ieder kind dat Er was eens een koe leest zal bevirussen. Een heerlijk Tijgerlezen-deel. 

68 bladzijden, leeftijd: 6+. Koop dit boek bij je lokale boekhandel, of bestel het hier

 

woensdag 11 november 2020

DE BESTE SCHOOL VAN DE HELE WERELD - Manon Sikkel, met tekeningen van Marja Meijer (Zwijsen)

Onze eigen kinderboekenambassadeur, Manon Sikkel, schreef naar eigen zeggen in een maand tijd, en in een flinke vlaag van inspiratie, een boek op leesniveau, voor uitgeverij Zwijsen. Het moest gaan over een heel warme basisschool zoals veel kinderen die door de coronalockdown in het voorjaar een paar weken moesten missen. Manon Sikkel zegt zelf over dit boek in een interview dat het haar leukste boek is. Nu ken ik niet al haar werk Manon Sikkel, maar leuk is De beste school van de hele wereld zeker, en bevlogen ook. 

Het wervelende verhaal gaat over een school waar nog maar één leerling over is: Marie, de hoofdpersoon van het boek. Ook met één leerling mag een school nog een jaar doorgaan, dus als er een nieuwe juf komt, juf Rachida, begint een heerlijke tijd. Want juf Rachida (die duidelijk dezelfde PABO heeft gedaan als Mees Kees uit de gelijknamige boeken van Mirjam Oldenhave) is geweldig. De hoofdsteden van de provincies worden onthouden door er rare rijmpjes van te maken, als er breuken op het programma staan komen er échte pizza's, en misschien wel het grappigste voorbeeld: de tafels van vermenigvuldiging worden geleerd door de moeilijkste tafelsommen op echte tafelbladen te schrijven, die vervolgens, als Marie ze kent, opgestookt worden. Letterlijk. Met een kampvuur. Natuurlijk zijn er ontwikkelingen: er komt een leerling bij, én er is een strenge inspecteur, die met een oordeel klaar staat...

Je merkt aan alles wat een plezier Manon Sikkel gehad moet hebben tijdens het schrijven. Dat spat ook over op de vele tekeningen van Marja Meijer. Het boek werkelijk een 'graphic novel' noemen, zoals de uitgeverij doet, gaat misschien wat ver, maar toch zijn de vrolijke illustraties overvloedig en samen vertellen schrijfster en tekenares een heerlijk blijmoedig verhaal, dat tussen neus en lippen door pleit voor aandacht en inclusiviteit. Een heel toffe Zwijsenuitgave dus!

168 pagina's, leeftijd: 8+. Koop dit boek bij je lokale boekhandel, of bestel het hier.

vrijdag 6 november 2020

DE ZOMER DAT WE PARIJS BESTORMDEN - Clémentine Beauvais (Querido)

Laten we eerlijk zijn: veel Young-Adultromans volgen zo'n beetje hetzelfde stramien. Dat is ook helemaal geen probleem, soms wil je graag meer van hetzelfde. Maar het is verfrissend als een auteur het anders aanpakt. En dat doet Clémentine Beauvais in De zomer dat we Parijs bestormden. Ten eerste spaart ze details niet: de lezer krijgt heel wat plaatsnamen en vooral heel wat gerechten (waaronder nogal wat soorten kaas) voorgeschoteld. Dit doet de schrijfster overigens zonder dat het de vaart van het verhaal in de weg zit. Ten tweede is er het, laten we zeggen, ambitieuze plot: drie meisjes die op hun middelbare school eerste, tweede en derde zijn geworden bij de 'varkensverkiezing' van lelijkste meisjes van de school besluiten zich die kwalificatie toe te eigenen en als 'de varkens' vanuit hun woonplaats te gaan fietsen naar Parijs, om daar... de man van de presidente (constant aangeduid als 'Barack Obamientje') te gaan confronteren met het feit dat een van hen zijn wettelijke dochter is, én om de beroemde band Indochine te ontmoeten én om een bekende generaal van zijn oorlogsmedaille te beroven.  

Tja, om dat allemaal geloofwaardig te houden moet je aardig kunnen goochelen als schrijver, maar Beauvais komt ermee weg. En dat is vooral vanwege het derde verschil met veel andere jongerenboeken: de associatieve, metaforistische, fladderende manier van denken van Mireille, het 'Bronzen Varken' en de vertelster van deze roadtrip. Die gedachten vliegen soms alle kanten op, maar doordat Mireille óók brutaal en recht voor de raap is, wil je heel graag verder lezen. Een voorbeeld van die directheid: als de meisjes door een stadje rijden begint Mireille iets te vertellen over de toeristische trekpleisters, maar dan onderbreekt ze zichzelf en dan staat er: 'Ik hoop dat al die details je gestolen kunnen worden, want ik ben geen reisleidster. We zijn hier om te werken, punt.'

De zomer dat we Parijs bestormden is een wervelend boek, een feelgoodroman, en dan gáát het ook nog werkelijk ergens over: over de verschrikkelijk rigide schoonheidsnormen bijvoorbeeld, maar ook over pesten, over (stief-)vaderschap, over ptts bij soldaten, over feminisme. Alles wordt aangeraakt, maar niets wordt te zwaar. Een Young-Adultverademing dus.

Eén kwaliteit moet apart vermeld worden: de fantastische vertaling. Het geheel is zo ongelooflijk naturel, zo wendbaar en speels in het Nederlands gegoten, en dat voor een in-Frans boek dat vele hoeken van de taal opzoekt. Dat heeft Eva Wissenburg echt heel, heel goed gedaan.

302 pagina's, leeftijd: 15+. Koop dit boek in je lokale boekhandel, of bestel het hier.    

donderdag 29 oktober 2020

TIM DE KLEINE BOSWACHTER - Jan Paul Schutten & Tim Hogenbosch, met tekeningen van Emanuel Wiemans (Volt) - WONDERBOS - Medy Oberendorff & Jan Paul Schutten (Lannoo)

Onlangs verschenen twee bosboeken, min of meer tegelijkertijd, en ook al zijn ze bij twee verschillende uitgeverijen uitgekomen, met verschillende illustratoren, op een verschillend formaat, met een verschillende opzet en in een verschillend genre, toch zijn ze familie van elkaar, en dat komt door degene die voor beide boeken de tekst leverde: Jan Paul Schutten.

Tim de kleine boswachter is een heerlijk leesboek waarvoor de landelijk bekende Boswachter Tim (Hogenbosch) de verhalen en situaties leverde. Maar Jan Paul Schutten maakte er een warm en vrolijk fictieboekje van, met veertien hoofdstukken en evenveel avonturen, steeds fijn geïllustreerd door Emanuel Wiemans. Hoofdpersoon is kleine Tim, die samen met vriendinnetje Tippi dol is op het bos. Tims vader is boswachter, en dus mogen ze naar hartenlust in diepe plassen springen (zowel Tims vader als moeder doen mee), een gewond kauwtje in huis houden, een geheime hut bouwen en 's nachts het donkere bos in trekken. Het klein formaat boek is heel aantrekkelijk, en de liefde voor de natuur, maar ook de toegankelijke schrijfstijl en de grapjes bewijzen het leesplezier én het natuurplezier een heel goede dienst.

Dat Wonderbos familie is van dit boek blijkt uit alles wat vriendinnetje Tippi in het laatste hoofdstuk uit Tim de kleine boswachter tijdens haar officieuze boswachterexamen weet te vertellen. Ze móét haast wel Wonderbos gelezen hebben, want sommige weetjes vind je er bijna letterlijk in terug. Dat non-fictieboek heeft haar dan in eerste instantie vooral betoverd door de indrukwekkende, fascinerende grote zoekplaten in zwart-wit. Die luiden steeds een nieuw hoofdstuk in. Op alle platen vallen planten, struiken, bomen en dieren uit het bos te herkennen (een drietal dieren komt zelfs op alle platen voor). Wat volgt is een heldere opzet: eerst een inleidende tekst over de focus van het hoofdstuk, en dan een dubbele pagina met ongeveer zes kleinere stukjes, met illustraties in kleur.

Er valt veel te leren. Over parasieten die parasiteren op parasieten bijvoorbeeld, over de berichten die bomen elkaar ondergronds door weten te geven, over de superslaapjes ('torpors' genaamd) die muizen doen, over hoe bomen slapen (hun takken hangen 's nachts een paar centimeter lager!) en over nog zoveel meer. Aan het eind van het boek staat dan, voor de speurders, een overzicht van alle zoekplaten, waarbij je alle dieren en planten nog eens op kunt sporen. 

Twee geweldige bosboeken dus, die hoe verschillend ook, behalve hun schrijver nog één ding gemeen hebben: na het lezen ervan wil je er meteen op uit. 

Tim de kleine boswachter
128 pagina's, leeftijd: 7+. Koop dit boek bij je lokale boekhandel, of bestel het hier.
Wonderbos
76 pagina's, leeftijd: 9+. Koop dit boek bij je lokale boekhandel, of bestel het hier