woensdag 14 november 2018

LEPELSNIJDER - Marjolijn Hof, met tekeningen van Annette Fienieg (Querido)

Het was even uitkijken naar het nieuwe boek van Marjolijn Hof, maar daar is het dan: Lepelsnijder. Heel anders dan al haar vorige boeken, maar zeker niet minder.
Achterin dit avonturenverhaal schrijft Hof over haar inspiratie, en die kwam, heel bijzonder, van het schilderij Teich im Riesengebirge van de Duitse schilder Ludwig Richter, geschilderd in 1839 (zie afbeelding). Een jongetje met een oude hond en een jongetje, dat is wat we zien. Zij zijn dan ook de uitgangspunten voor dit voor Hof onorthodoxe verhaal. Het jongetje is Janis, die samen met de oude man Frid en hondje Luki in de bergen woont in tamelijk arme omstandigheden. Maar Janis snijdt prachtige houten lepels en ongelukkig is hij niet. Tot Frid op een dag niet meer terugkomt en er een heel andere man - met ezels - voor Janis' neus staat.
Geteich im Riesengebirge - Ludwig Richter
Het boek is dus inderdaad een avonturenboek, maar dan een - en dat vind ik zo fijn - kálm avonturenboek. Niet dat er geen spanning is, maar er wordt niet over de gebeurtenissen heen gesprint, en daardoor ga je echt in en met het boek leven. Janis komt nog in heel andere omstandigheden terecht, er komen heel interessante bijfiguren bij (vooral Ever en zijn zus). En aan het einde wil je vooral: deel twee.

woensdag 7 november 2018

SUZIE GAAT TEKENEN - Jaap Robben/Benjamin Leroy (Gottmer) - BILLY ZOEKT EEN SCHAT - Catharina Valckx (Gottmer)

Uitgeverij Gottmer bracht weer twee prentenboeken uit die het bewijs zijn dat verdere delen in een serie niet minder dan de eerdere hoeven te zijn.

In de Suzie Ruzie-serie verscheen het vierde deel: Suzie gaat tekenen. Het 'Ruzie'-deel van haar naam is verdwenen, maar de jonge Suzie gaat bij het tekenen net zo fantasievol tekeer als ze in andere zaken in de vorige delen deed. Wat ze tekent komt tot leven, en dat is leuk als het om vleugeltjes voor je hond gaat, maar als je een monster afbeeldt dat van het papier af springt is dat toch weer iets heel anders. De tekeningen van Leroy zijn weer net zo fris als altijd (of misschien nog iets frisser? Ik weet het niet zeker, maar dit deel stráált echt). De combinatie van Leroys fijne contourlijntjes en de verfvlekken in de 'kindertekeningen' is heel geslaagd. De spread waarin Suzie op de rug van een tijger zit, samen met 'mannetje Klop' is echt schitterend van compositie.

Catharina Valckx staat altijd garant voor helderheid en kwieke humor, vooral ook in haar Billy-boeken. Billy en zijn vriend Pierke ontdekken in dit deel van de reeks een schatkaart en begrijpen al snel dat ze onder de grond moeten zoeken. Daar helpt mevrouw Mol hen verder, en aan het eind van het verhaal wordt een schatkist geopend... met feest tot gevolg. Opnieuw een aflevering om vrolijk van te worden.

DE KLEINE KONING - Jan De Leeuw & Mattias De Leeuw (De Eenhoorn) - WAT DOEN WE MET TORIBIO - Isol (De Harmonie) - DE BOOMHUT VAN NIEL - Robbe De Vos & Charlotte Severeyns (De Eenhoorn)

Drie bijzondere prentenboeken:

in De kleine koning vertelt Jan De Leeuw een sprookje in sprankelende taal. De kleine koning ziet een ster die groter is dan alle andere en de weg lijkt te wijzen naar een Grote Koning, dus gaat het koninkje op pad, met geschenken. Die geschenken geeft hij onderweg aan passanten die het nodig hebben, en daarna is de ontknoping van het boek zowel vol met wonder alsook wensvervullend. Er wordt gerefereerd aan het geboorteverhaal van Jezus, maar De Leeuw is eigenzinnig, waardoor dit verhaal een mooie, fijn-mysterieuze toets krijgt. De tekeningen van Mattias De Leeuw (geen familie) zijn zwierig als altijd, maar nu ook ingetogen, althans: qua kleurgebruik. In brede platen, die vaak over de grens van de spreads heen lopen schildert hij dit sprookje helemaal open voor de lezer en de kijker.

Ik ben fan van de Argentijnse Isol. Ook haar laatste in het Nederlands vertaalde prentenboek Wat doen we met Toribio vind ik weer fijn. Het is misschien wat minder absurd dan sommige van haar andere boeken (hoewel...) - de besprekingen daarvan lees je overigens hier - maar het is heerlijk om Isols humor en ook haar beeldtaal weer terug te zien. Toribio is een peuter die het zijn ouders niet makkelijk maakt: hij heeft veel te veel energie, en zijn vader en moeder zijn dus doodmoe. Ze raadplegen een dame die met toverachtige middelen hun Toribio in een rustig schepseltje verandert. En dan... (zie het boek voor de toch eigenlijk wel best absurde afloop). Op naar nog weer méér Isol!

In De boomhut van Niel hanteert Robbe De Vos een geheimzinnig taalpalet. Het gaat dan ook over wat een bedroefd jongetje kan doen als het veel te stil wordt, omdat hij zijn opa mist: een geheime boomhut bezoeken, waar die opa dan toch terug te vinden is. De tekeningen van Charlotte Severeyns zijn al net zo tevoorschijn gedroomd als de tekst en als de geheime boomhut zelf. Het levert een sterk sferisch, tastend prentenboek op, met een paar spreads die net zo mooi zijn als het aantrekkelijke omslag.



zondag 4 november 2018

EEN STORMACHTIG JAAR VOOR OLLE EN LENA - Maria Parr (Lannoo)

Een paar jaar geleden verscheen het heerlijke De wonderlijke lotgevallen van Olle en Lena van de Noorse auteur Maria Parr (en daarna haar Tonje en de geheime brief), maar goed, nu grijpt Parr dus terug op haar hoofdduo van haar debuut. Een debuut dat in Scandinavië vele prijzen won, en in de Lage Landen zowel een Boekenwelp als een Zilveren Griffel.
Niet simpel, zo'n deel twee. Maar laat het meteen duidelijk zijn: dít tweede deel is net zo goed als het eerste.

Olle en Lena wonen hoog in Noorwegen, in een soms onherbergzaam klimaat. Ze zijn 'buurtjes', beste vrienden en inmiddels twaalf jaar. Olle heeft drie broers en zussen en Lena is enig kind - ze hoopt vurig dat daar verandering in komt. In dit deel raakt hun vriendschap bedreigd door de komst van een lieflijk (Nederlands!) meisje, dat vlakbij komt wonen. Olle valt als een blok voor haar, en Lena lijkt sowieso steeds woedender te worden. Dan is er ook Olle's opa nog, die niet toe wil geven dat hij ouder wordt en dus nog steeds zonder veiligheidsmaatregelen te nemen met zijn boot Trol de zee op gaat.

Dit boek heeft alles: avontuur (soms héél ruig!), vriendschap en liefde en alles wat daardoorheen schuurt, gezinswarmte, natuur, zee, eenzaamheid, donkerte, licht. En dat in de prachtige stijl van Parr - lees maar:
'Ik dacht meer en meer aan Birgitte. Het was een beetje alsof er een zachte vogel midden in onze klas was geland, eentje die verder keek dan wat er stom en dom aan mensen was.'

Met dit tweede deel wekt Maria Parr leeslust op naar nog meer delen én bevestigt zij haar naam als wereldschrijfster.

Dit boek werd uit het Noors vertaald door Bernadette Custers.  

donderdag 1 november 2018

MAJOOR ROSALIE - Timothée de Fombelle & Isabelle Arsenault (Querido)

Soms hebben we het er in ons huidig kinderboekenklimaat een beetje moeilijk mee: boeken die net niet helemaal in het stramien passen. Die boeken vallen nog weleens tussen wal en schip. Dat kan wellicht gebeuren met Majoor Rosalie, en dat zou zonde zijn, want dit boek is een parel.
Het formaat en de cover doen een beetje prentenboekachtig aan, en de hoofdpersoon - de kleine Rosalie - is vijf jaar oud. Maar we moeten ons niet vergissen: dit is een fijnzinnig verhaal voor kinderen vanaf een jaar of tien - en daarna voor iedereen.

Het boek speelt tijdens de Eerste Wereldoorlog. De vader van Rosalie vecht in de loopgraven, en haar moeder werkt in een munitiefabriek. Rosalie wordt daarom overdag ondergebracht in een schoolklas, waar ze stilletjes op de achterbank moet zitten, tussen de jassen van de oudere kinderen. Daar heeft ze, volgens zichzelf, een geheime missie, want ze ziet zich niet alleen meer als Rosalie, ze is Majoor Rosalie.

Wat volgt is een schitterend, aandoenlijk, pijnlijk verhaal, met een heel bijzondere ontknoping. Timothée de Fombelle is de auteur van de klassieke boeken over Tobie Lolness, en van historische boeken als Vango. In prachtige taal trekt hij ons helemaal de wereld van Rosalie in. Die wordt nog verder in beeld gebracht door de tedere tekeningen van Isabelle Arsenault. Dus: laten we met z'n allen zorgen dat dit warme boek landt - het verdient het.

Dit boek werd vertaald door Eef Gratama.

zondag 28 oktober 2018

CODE KATTENKRUID - Jacques Vriens (Van Holkema & Warendorf)

Het nieuwe boek van Jacques Vriens is een van zijn bijzonderste. Code kattenkruid vertelt het verhaal van een opa die te horen heeft gekregen dat hij ongeneeslijk ziek is en besluit het allernaarste einde niet af te wachten, maar ondraaglijk lijden te voorkomen en, zoals in de ondertitel wordt gezegd, 'vrolijk dood te gaan'. Euthanasie dus (al wordt dat begrip pas in het nawoord genoemd). Maar het is ook het boek van de brugklasser Stijn die onnoemelijk veel van zijn dwarse opa houdt. Samen besluiten ze, nu het nog kan, een fietstocht te ondernemen. Daar zijn nogal wat familieleden tegen, maar gelukkig kan de tocht doorgang vinden, een tocht waar Stijn later, op opa's begrafenis, van zal getuigen, omdat opa hem dat heeft gevraagd.
Het knappe aan dit boek is dat het monter en helder is - twee adjectieven waar ik erg van houd. Vriens' bondigheid zorgt ervoor dat dit boek nooit te zwaar wordt, maar ook dat de kern ervan - de band tussen Stijn en zijn opa - prachtig duidelijk wordt. Het verhaal is een viering van de liefde en gaat daarmee over het leven zelf - en niet zozeer over de dood. Dat zo toegankelijk en toch genuanceerd opschrijven kunnen dus niet zoveel schrijvers. Maar Vriens wel.

donderdag 25 oktober 2018

NAAR DE RAND VAN DE WERELD - Dirk Weber (Querido)

Abe is de jonge hoofdpersoon uit een boek dat ergens in de toekomst speelt, de nieuwe kinderroman van Dirk Weber. De samenleving waarin Abe opgroeit (zonder ouders, dat gaat daar zo) is streng en rechtlijnig: alleen de leiders mogen kennis bezitten en de rechters zijn meedogenloos. Elk kiempje kritiek wordt hardhandig de kop in gedrukt.
Als zoiets weer voorvalt besluit een groepje kinderen te ontsnappen, een van hen is Abe en door zijn ogen maken we de reis mee, de ontberingen, het verraad.
Het bijzondere van Naar de rand van de wereld is dat het een enigszins ongrijpbaar en daardoor heel origineel boek is. Het einde doet je nog lang nadenken over wat er in de hoofden van deze kinderen speelt.
Knap van het werk van Dirk Weber is dat hij elk boek weer zo doet verschillen van het vorige. Naar de rand van de wereld is opnieuw een aanrader.