maandag 29 juni 2020

BOER BORIS HEEFT HET HEET! - Ted van Lieshout & Phlip Hopman (Gottmer)

Het is inmiddels een klassieke serie, de reeks Boerborissen, en niet alle delen besprak ik hier uitgebreid (nou ja, deze en deze en deze en deze en deze en deze en deze wel), maar het dertiende deel, Boer Boris heeft het heet! is een van de best gelukte en dus opnieuw een stevige leestip.

Het ultieme hittegedicht schreef Annie M.G. Schmidt natuurlijk, over de gesmolten juffrouw Scholten, en daar zal elk hitte/zitten-rijm meteen aan herinneren, maar Ted van Lieshout doet Schmidt als in het voorbijgaan eer aan ('Gelukkig staat [het paard] in de stal, niet in de volle zon/Want anders smólt hij! (Als een paard van warmte smelten kon.)) maar laat de referentie verder los en gaat fijn een andere kant op. De schapen worden van hun vachten ontdaan, en als de dieren en de boerderijmensen het dan weer koud krijgen, zijn er van de verworven wol dekens en truien gemaakt. Zoals altijd is het rijm vlekkeloos en deinend, zo staat er in het stuk over de wolfabriek bijvoorbeeld:
Eerst wassen ze, dan kammen ze, dan spinnen ze de wol.
Die verven ze en winden lange draden tot een bol.
Dan breien ze een trui. En met een prachtig weefgetouw
maken ze een deken, en een jas met kraag en mouw.

Die wolfabriek levert ook de tekening op waarvan Philip Hopman je het meest achterover doet slaan. Het formaat van de Boerborissen (bijna vierkant) bezorgt hem als het boek opengeslagen voor je ligt een breed canvas, en daar maakt hij in dit soort overzichtstekeningen altijd perfect gebruik van. In een spannend panorama, met links op de voorgrond een imposante machine die bediend wordt door een al even imposante meneer (met imposante baard en imposante neus), helemaal rechts de kleine Boer Boris die zijn pet in eerbied afgenomen heeft, en dan de verfton, dichtbij, het weefgetouw, wat verderop, in het midden de rij computers, bediend door dames en heren in stofjassen, maar wel met soms exuberante kapsels, en achterin de tekening een gaanderij van hout waarop we grote portretten van ouderwetse weefvoorgangers zien - o, het is allemaal zo prachtig. Er moeten heel wat kinderen en ouders zijn die dit soort pagina's uit het boek willen losmaken om ze ingelijst aan de muur te hangen. 

Eenzelfde breed tafereel biedt Hopman ons ook weer op de voorlaatste spread (als de dieren kleumend bij elkaar in de schuur schuilen) en op de laatste (als alle dieren met warme truien aan rond een kampvuur zitten). De voorlaatste spread heeft een donkerblauwe gloed, de laatste een goudoranje, alles is even mooi. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de details (zelfs de op elke plaat aanwezige merel heeft op het eind een dasje om, er hangt een carpe-diem-schildje in de schuur, met daaronder, in silhouet, een ploegende boer, het overal terug te vinden muisje schuilt om warm te worden in de omhelzing van de... kat, etc, etc, etc).
Tja, Boer Boris heeft het heet! is geen officiële jubileumaflevering van deze serie - maar zo gedraagt het boek zich wel.

32 pagina's, leeftijd: 3+
Koop dit boek in je lokale boekhandel, of anders hier.

zondag 28 juni 2020

HET PUNGELHUIS - Annet Huizing (Lemniscaat)

Annet Huizing is met haar derde boek, Het Pungelhuis, flink op weg om de auteur bij uitstek te worden die fictie en non-fictie in mooi evenwicht weet te houden. In haar eerste boek, Hoe ik per ongeluk een boek schreef zagen we al schrijftips én een dringend verhaal, in De zweetvoetenman, officieel non-fictie, zagen we de kracht van voorbeeldverhalen bij informatiestukken, en in Het Pungelhuis, haar heel fijne derde wapenfeit, is het verzonnen verhaal zéér precies gebaseerd op navorsingen - die achterin het boek uitgebreid onthuld worden.

Het gaat dit keer om het boter smokkelen dat in de Brabantse grensplaatsjes zo'n zestig à vijftig jaar geleden plaatsvond. Ole is de zoon van een vader die geleden heeft onder de smokkelpraktijken van zijn vader - die Ole's opa is, en waar Ole lang niets van weet. Tot het verleden tevoorschijn schuift.
Meer nog dan dat het verhaal op ware gebeurtenissen gebaseerd is, is Het Pungelhuis een heel fijn leesboek geworden, waarbij de personages vanaf de eerste bladzijde levend en wel het hoofd van de lezer in stappen. Het is vooral de schrijfstijl van Huizing die zo overtuigt. Het is grappig, snel, maar ook ontroerend soms, en altijd precies. De stoet aan montere, soms geestige zijpersonages doet sterk aan - je ziet ze allemaal voor je en je hoort ze allemaal praten. Dat, samen met de plot-met-verrassingen die Huizing uitvouwt, zorgt voor opnieuw een sterke kinderroman.

192 pagina's, leeftijd: 10+
Koop dit boek bij je lokale boekhandel, of bestel het hier.  

maandag 22 juni 2020

DE LIJST VAN DINGEN DIE NIET ZULLEN VERANDEREN - Rebecca Stead (Querido)

Op bladzijde 200 van dit prachtige nieuwe boek van Rebecca Stead staat het mooi verwoord: 'Ik zag in mijn hoofd al die heldere lijnen, zoals lasers bijvoorbeeld, die me met iedereen verbonden die ik kende. [...] Ik zag mezelf op bed en er schoten zo veel lijnen uit me dat ik net een bloem was of zo, die openging.'

Daar gaat het vaak over, in Steads werk. In haar debuut Als je terugkomt (2010) was dat al zo, maar ook in de opvolgers De spionnenclub (2013) en Wie je morgen bent (2016) - de constellaties aan personen waarin we onszelf bevinden. Altijd zijn de hoofdpersonen 'gewone' kinderen die iets meemaken dat op zichzelf niet eens zo spectaculair is, maar wat Stead toch de gelegenheid geeft om te laten zien hoe we allemaal verbonden zijn met elkaar, hoe alles wat je zegt zomaar gevolgen kan hebben, en hoe nadenken en moed om terug te komen op wat er is gebeurd of gezegd niet genoeg geprezen kan worden.

Zo fijn-dagelijks en vaardig-fijnzinnig is ook De lijst van dingen die niet zullen veranderen weer. Het boek had overigens ook Maan en andere maan kunnen heten, want met dat beeld (uit twee naast elkaar gelegen ramen naar de maan kijken en toch beseffen dat het dezelfde maan is) toont Stead ons mooi het dilemma van kinderen van gescheiden ouders. Die kinderen moeten altijd, op de een of andere manier, hun twee 'manen' met elkaar zien te verbinden.
In het geval van de tienjarige Bea lijkt dat eerst niet zo'n probleem: haar ouders zijn nog bevriend met elkaar, hebben afgesproken dat ze altijd in de buurt zullen blijven wonen (dit schreven ze voor de kleine Bea in een schrift, met daarin een lijstje met dingen die nooit zullen veranderen), maar Bea's vader is nu eenmaal homo, en vond een nieuwe grote liefde in Jesse. Bea is gek op alle drie, op haar moeder, op haar vader en op Jesse, en dan blijkt Jesse ook nog eens een tienjarige dochter te hebben, die, nu de twee mannen gaan trouwen, Bea's nieuwe zus wordt! Maar heeft dat meisje (Sonia) al goed naar háár twee manen gekeken?

In dit boek komen dus ook nog veel andere personages voor. De meester, haar beste vriendje, klasgenoten, de therapeute waar Bea gesprekken mee heeft, en ook... Jesse's jongere broer Con. Die moeite heeft met Jesse's homoseksualiteit. Daar begrijpt Bea niks van en dus nodigt ze hem stiekem uit voor de bruiloft - met alle gevolgen van dien.  Een aantal passages rondom met name deze verhaallijn zijn zo ontroerend dat je het boek af en toe naast je neer moet leggen en iets weg moet slikken.

Stead weet alle lijnen naar alle personages ruimte te geven, en het resultaat is een heerlijk boek, dat, zoals de New York Times zo mooi schreef, 'geweven is van precies de juiste draden.' De lijst van dingen die niet zullen veranderen gaat over hoe we moeten leven, en hoe een geweldig meisje (dat net als wij is) daar achter komt. Met precies de juiste lichtheid, precies de juiste beelden en precies de juiste warmte. Met dit boek laat Rebecca Stead nóg duidelijker zien waarom we de ontwikkeling van haar oeuvre op de miniemste stapafstand moeten blijven volgen.

232 pagina's, leeftijd: 10+
Koop dit boek bij je lokale boekhandelaar, of bestel het hier.
Het werd vertaald door Jenny de Jonge.  

zondag 14 juni 2020

BROWN GIRL DREAMING - Jacqueline Woodson (Puffin books, nog niet vertaald)

Jacqueline Woodson kreeg in 2018 de Astrid Lindgren Memorial Award en dit jaar ook de Hans Christian Andersen Award. Daarmee behoort ze tot de wereldtop van de wereldtop van de jeugdboekenschrijvers en toch is er vrijwel niets van haar vertaald in het Nederlands. Dat is wat vreemd, zeker gezien haar indrukwekkende rij boeken en diversiteit aan onderwerpen. Ik las haar bekendste boek, Brown girl dreaming (2014), een young-adult-roman (nou ja, als je het zo kunt noemen) in vrije verzen.

Ook dit boek werd bedolven onder prijzen: het was een Newbery Honor Book, het won de Coretta Scott Award en de National Book Award. Het is dan ook een boek zoals je er geen tweede kent. Het boek is namelijk een memoir - een vertelling over de kindertijd en de jeugd van Jacqueline zelf. In vloeiende gedichten vouwt ze haar verleden open. Ze vertelt over haar allereerste jaren in Ohio, toen haar ouders nog bij elkaar waren, maar al snel verplaatst de handeling zich naar het Zuiden, naar Greenville (South Carolina) waar het gezin bij de warme, geweldige grootouders gaat wonen. Woodson vertelt zintuiglijk over het gepiep van de schommel op de veranda, van het meehelpen in de tuin, van haar opa waar ze zo graag tegenaan leunde - totdat de kinderen door hun moeder naar New York worden gehaald. Daar is alles grijs en grauw, maar na een tijdje krijgt Jacqueline er een hartsvriendin, Maria (die ze nog altijd als haar beste vriendin beschouwt, vertelt het nawoord, waarin we trouwens ook een fotokatern aantreffen).
Het gaat ook over haar briljante oudere zus en over haar broertjes, en vooral over hoe Jacqueline een langzame lezer is, maar stapje voor stapje de kracht van verhalen en van het schrijven leert. Daar gaat dit boek voornamelijk over: hoe verhalen kracht geven en hoe je door ze te horen, te bedenken en te schrijven kunt leren wie anderen zijn, en zodoende wie jij bent.

Het als zwart meisje opgroeien kan natuurlijk, hoe tegen de borst stuitend ook, niet zonder in aanraking te komen met racisme. Woodson (geboren in 1963) heeft nog meegemaakt dat ze niet aan elk tafeltje in een restaurant mochten gaan zitten als zwart gezin, dat in de bus alleen de achterste banken bestemd waren voor wie zwart was. Evenzeer schrijft Woodson over buitengesloten zijn als kinderen van een Jehova's Getuigen-familie - maar vooral dus over verbeelding, familie, afkomst, liefde en vriendschap. Daarmee is Brown girl dreaming een boek dat inzicht biedt, dat genuanceerd geschreven is, dat binnen elk gedicht langzaam lezen afdwingt, maar toch ook snel leest door Woodsons helderheid.

Bekijk tenslotte Woodsons TED-talk eens, dan wordt duidelijk wat haar overtuigingen zijn, hoe haar stem klinkt (ook haar stem als schrijver) en waarom het vanzelfsprekend is dat zij in 2015 in de Verenigde Staten de Young People’s Poet Laureate werd, en waarom gelukkig heel veel mensen vinden dat zij altijd (niet alleen nu) beluisterd en gelezen moet worden.

352 pagina's, leeftijd: 12+
Bestel dit boek bij je lokale boekhandel, of bestel het hier.

zaterdag 13 juni 2020

EEN IJSJE - Sylvia van Ommen (Gottmer)

Het gebeurt niet vaak dat er een nieuwe Sylvia van Ommen verschijnt, maar als dat gebeurt is het heel goed nieuws. Na haar debuut met Drop en na heerlijke boeken als De verrassing en Ik ben eigenlijk toch wel heel erg een beetje gek op jou is er nu het al even heeeeeeeeeerlijke Een ijsje.
Op het omslag zien we reikende dierenklauwen, -vleugels en -snavels en in het midden een uitgespaarde ijsjesvorm. Wie het boek opendoet ziet op elke spread een dier dat een reden verkondigt waarom hij of zij dat ijsje moet krijgen. Daar zitten soms erg droogkomische bladzijden bij, zoals bij de schildpad die een lange speech afsteekt en de ijsvogel die alleen vanwege zijn naam vindt dat hij recht heeft op het waterijsje.

Bij boeken die gebouwd zijn rondom één idee is het altijd zaak dat de maker een slimme of grappige manier vindt om af te ronden, en dat heeft Van Ommen inderdaad gedaan - er zijn zelfs twéé plottwistjes.

Maar juist ook de tekeningen zijn zo fijn. De dieren zijn robuust en aaibaar, kleurrijk en met fijne diffuse contouren. Een ijsje is dus even fris als zijn eigen onderwerp, Een ijsje is een boek om de zomer gniffelend in te gaan.  

52 pagina's, leeftijd: 4+
Koop dit boek bij je lokale boekhandel, of bestel het hier.

vrijdag 5 juni 2020

NIET TE STOPPEN - Angie Thomas (Moon)

Over het eerste boek van Angie Thomas, The hate u give (2017) schreef ik destijds: 'Je zou willen dat iedereen dit boek las. Om te weten wat er in ons gezichtsveld gebeurt, om over onszelf na te denken, om moed te scheppen en om vervoerd te raken.' Het boek kreeg een jaar later terecht de prijs voor Beste Boek voor Jongeren.
In deze weken van groeiend besef, groeiende discussie en groeiende verontwaardiging over het institutioneel en persoonlijk racisme dat onze wereld teistert, lijkt me dat proberen te weten te komen en over onszelf nadenken nóg belangrijker, en voor mij verloopt dat nu eenmaal voornamelijk via de literatuur. En deze week was dat vooral door het twééde boek van Angie Thomas, Niet te stoppen (oorspronkelijke titel: On the Come Up, 2019), dat opnieuw fantastisch is en opnieuw inzichtgevend.

Brianna van zestien is de hoofdpersoon. Ze is een enorm hiphoptalent. Ze wordt ook wel Li'l Law genoemd, naar haar vader, die beroemd aan het worden was als rapper Law, maar vermoord werd. Haar moeder is een paar jaar uit Bri's leven geweest, omdat die drugsverslaafd was - maar het eenoudergezin probeert zich nu staande te houden, en Bri's moeder is al jaren clean. En dan, aan het begin van het boek, wordt Bri door beveiligers bij haar middelbare school tegen de grond gewerkt omdat ze onterecht denken dat ze dealt. Bri maakt er, na enige aarzeling, een furieuze rap over, en die wordt zowel door iedereen gewaardeerd als verkeerd begrepen. Waarna het verhaal openrolt.

Niet te stoppen is een flinke roman: 384 pagina's. Angie Thomas neemt aan het begin van het verhaal de ruimte om Bri's achtergrond en die van alle bijfiguren goed neer te zetten. Daarna grijpt alles in elkaar en de afronding is virtuoos. Tegen die tijd ben je allang behoorlijk gaan houden van Bri en haar twee trouwe vrienden Malik (op wie ze heimelijk verliefd is), en Sonny (die gay is en een heel eigen prachtige liefdesgeschiedenis meemaakt, op zichzelf al een reden om dit boek te lezen). Maar dan zijn er ook nog de raps, door Akwasi vertaald (!) en de referenties naar hiphop (vooral die door vrouwen is gemaakt).

En er wordt, terloops maar duidelijk, opnieuw geschetst hoe het leven van een zwarte jongere in de Verenigde Staten is. Over de noodzaak van het 'codeswitchen' bijvoorbeeld. Thomas laat Bri over een klasgenoot zeggen: 'Hij klinkt... anders. Net als wanneer ik met mijn oma naar een mooie winkel in een goede buurt ga, en ze tegen me zegt dat ik "moet praten alsof ik er hoor". Ze is bang dat mensen denken dat we achterbuurtcriminelen zijn die in hun winkel komen rondsnuffelen.'
Of:
'Weet je hoeveel witte mensen er voor drugsbezit op de rechtbank komen?'
'Heel wat,' zegt Jay.
'Te veel,' zegt tante 'Chelle. 'En ze krijgen stuk voor stuk een tik op de vingers en kunnen daarna verder met hun leven alsof er niks is gebeurd. Maar zwarte mensen of armen mensen die aan de drugs zijn?'

Niet te stoppen is, net als The hate u give, zo'n boek dat we nodig hebben - net als bijvoorbeeld de romans van Jason Reynolds of Jacqueline Woodson dat zijn. En daarnaast is het ook nog eens een goodread van jewelste.  Bovendien werd het fantastisch vertaald door Aimée Warmerdam. Zij houdt precies de goede balans tussen naar het Nederlands brengen en het behouden van belangrijke Engelse uitdrukkingen of verwijzingen. 

384 pagina's, leeftijd: 14+
Koop dit boek bij je lokale boekhandel, of bestel het hier.