
Allereerst is daar IK BEN DE STERKSTE! van Jan De Kinder (De Eenhoorn). Soms wil een voorlezende ouder een boek waaraan de voor te lezen kinderen voorpret beleven - omdat ze weten wat er op de volgende pagina zal staan. Aan die wens voldoet dit vrolijke IK BEN DE STERKSTE! ruim. Goed verhaal, sterke opbouw.
Net zo'n grap-opbouw zit er in MENEER MINUSCUUL EN DE WALVIS (Book Island) van de Poolse schrijver Julian Tuwim en zijn illustrator Bohdan Butenko. In een tekst op rijm laat dit klassieke prentenboek (uit 1956!) een mannetje eindelijk aanspoelen op een eiland. Totdat hij ontdekt dat...
In het tekstloze MONSTERBOEK (Lemniscaat) laat Alice Hoogstad een mooi, functioneel samengaan zien van zwartwit en kleur-illustraties. In sterke, volle bladzijden ontrolt zich het verhaal van het meisje dat met haar krijtjes de stad vol tekent met bonte monsters. Er zijn allerlei bijverhaaltjes te ontdekken, en de monsters zijn aandoenlijk.

MENEER MINUSCUUL EN DE WALVIS werd vertaald door Jo Govaerts.
DE GROTE GROENE WEI werd vertaald door Siska Goeminne.