
Het is denk ik niet onwaarschijnlijk dat Mirjam Oldenhave zelf een warm hart voor het onderwijs heeft, want ook in dit deel geeft ze zich graag over aan taalspel, aan gezegdes en aan het duiden van een taalbegrip, in dit geval: de ampersand. Deze laatste zin doet een saaie volwassen bedoeling vermoeden, maar daar hoeft niemand voor te vrezen. Haar taalplezier is volledig in het verhaal vervat en is helemaal niet als educatie of boodschap bedoeld. Integendeel: de ampersand staat in dit deel juist voor de mooiste inhoudelijke verhaallijn: die over de vriendschap, die, als je maar lang genoeg volhoudt, duizend maanden stand kan houden.
Dus: op naar deel tien van Mees Kees!