
De verhalen vinden plaats op een bijzondere plek, namelijk op Mortimer Mansion, een Engelse kostschool die ingericht is volgens een bepaalde Leer (Sterren van Morgen). Wat die Leer precies inhoudt kom je in dit verhaal niet te weten, maar Wollebrandt, de hoofdpersoon, leeft vanaf de eerste zinnen. Hij is de ene helft van een tweeling (over zijn zusje Wendelmoed schreef Judith Eiselin het deel Het vuur van Louise). Wollebrandt is zo'n jongen aan wie al heel vaak gezegd is dat hij vooral niet teveel over zijn grote hobby moet praten: fossielen. Dat doet hij natuurlijk toch, en in zijn sociale onhandigheid lijkt hij al meteen buiten de groep te vallen. Gelukkig ligt het niet zo simpel, en behoudt het boek een soort monterheid die goed bij het andere werk van Mizee past.
Omdat dit een deel van een groepsproject was heeft de auteur zich ongetwijfeld aan bepaalde gebeurtenissen moeten houden, en dat zorgt ervoor dat De wereld van Wollebrandt niet zozeer één doorlopend verhaal is, maar dat we door het eerste kostschooljaar springen, dat we van episode naar episode gaan. Dat is geen bezwaar, want de charme van dit boek zit hem in de frisse stijl, de bijzondere achtergronden (wat Wollebrandt over fossielen vertelt is écht interessant, maar ook paardrijden krijgt een mooie plek en zelfs het tradtionele Engelse Morris-dansen) en de aangename personages. De ouders van de tweeling zijn heerlijk laconiek, er is een vriendinnetje uit Spanje en een vriendje uit Frankrijk die elk hun eigen lijntje krijgen - nou ja, ik wil maar zeggen: het lezen van dit niet heel dikke boek was aangenaam.
Bestel dit boek bij je lokale boekhandel, of hier.