Maar de poëzie verrast het meest. En natuurlijk sprongen daar voor mij enkele gedichten bovenuit. Dat van Kees Spiering bij 'kolen en gas' bijvoorbeeld, over hoe een aardbeving voelt:
zondag 4 oktober 2020
DICHTER. gedichten voor kinderen van 6 tot 106: de nieuwe canon - Diverse auteurs (Plint)
woensdag 30 september 2020
WIE BEN IK? - Peter-Paul Rauwerda (Volt)
Het boek is klein van opzet, omvang en prijs, dus het zou een opstapje kunnen zijn naar het zoeken naar meer informatie over de genoemde figuren. Maar dat doet het tekenwerk van Rauwerda wat tekort: in warme kleuren tovert hij ons mooie landschappen voor en de personages zijn levendig en realistisch. Bovendien is de enscenering soms origineel: zo zien we de piramide van Cheops, maar wel met op de voorgrond een verbaasd achterom kijkend grappig knaagdier.
32 pagina's, leeftijd: 5+. Koop dit boek in je lokale boekwinkel, of bestel het hier.
dinsdag 29 september 2020
KONINGSKIND - Selma Noort (Leopold)
Ze kwam terug met het onbekende verhaal van het zusje van de baby die de hoofdrol speelde in het Bijbelverhaal. Ze brengt in Koningskind de samenleving uit die tijd tot leven, en dan vooral het dagelijkse leven van een tweetal vrouwen, moeder en dochter. Het levert een geslaagd boek op dat zeer goed past bij het thema van de kinderboekenweek 2020.
Selma Noort dompelt ons vanaf de eerste bladzijde onder in een zintuiglijk geheel. We volgen Lydia, een vijftienjarig meisje dat door de koning is bezwangerd en vervolgens afgedankt, en al op de eerste bladzijde baart zij (staand in het water) haar dochtertje Zissel. Wat een openingsscène! En dan volgen de moeilijkheden voor dit jonge meisje met kind - hoe moet ze beschutting vinden, hoe verzekert ze zich van een plek in een buurt en een dorpje, waar dan ook? En hoe groeit het enigszins gehandicapte dochtertje op?
We volgen Lydia, maar vooral Zissel (en haar gevonden broertje Jabin) in een avontuur dat hen uiteindelijk zelfs tot bij Salomo brengt. Koningskind is een aangename historische kinderroman met een omslag van Martijn van der Linden, maar wat binnentekeningen van Selma Noort zelf, en het roept de vraag op: waarom heeft de CPNB Noort nog niet gevraagd voor het kinderboekenweekgeschenk?
254 bladzijden, leeftijd: 10+, koop dit boek bij je lokale boekhandel, of bestel het hier.
donderdag 24 september 2020
TOEN IK DE STERKSTE WAS - Jason Reynolds (Blossom Books)
Toen ik de sterkste was is het derde boek van Jason Reynolds in Nederlandse vertaling, na 67 seconden en Echte Amerikaanse jongens. Het boek verscheen in 2013 in de Verenigde Staten en is daarmee dus een boek dat eerder uitkwam dan de bovenstaande titels - maar het is een 'echte Reynolds', in de zin dat het gaat over de struggles van opgroeiende zwarte jongens.
Dit keer is Ali de hoofdpersoon. Een rustige, goedwillende jongen die liefdevol wordt opgevoed door zijn moeder, die overigens twee banen heeft om het gezin draaiende te houden. Ali is dol op haar en op zijn jongere zusje Jazz. Zijn beste vriend, met de bijnaam Noodles, woont naast hem, en dan is er nog Needles - de oudere broer van Noodles.
Noodles, Needles, Ali, het zijn allemaal bijnamen, maar waar het om gaat is dat het drietal jongens probeert zich staande te houden in een buurt die vol van mogelijke problemen is. Soms is dat een hele opgave, aangezien Needles het syndroom van Gilles de la Tourette heeft. Gelukkig wordt hij door vrijwel iedereen gerespecteerd. Totdat het natuurlijk tóch een keer fout gaat. En dan moeten zowel Noodles als Ali laten zien wat ze waard zijn.
Dit boek gaat de rauwe werkelijkheid niet uit de weg, maar straalt intussen van oprechtheid. Het is geen dik boek, maar wel een heel fijn boek. En een boek dat zowel rechttoe rechtaan wordt verteld, maar toch geen nuance overslaat. Tenslotte maakt het benieuwd naar een volgende Reynolds-vertaling. Dat die maar snel mag volgen.
Dit boek werd uitstekend vertaald door Maria Postema.
215 pagina's, leeftijd: 14+, koop dit boek bij je lokale boekhandel, of bestel het hier.
vrijdag 18 september 2020
MIJN MOEDER IS EEN GORILLA (EN WAT DAN NOG) - Frida Nilsson, met tekeningen van Martijn van der Linden (Querido)
Dat heeft natuurlijk ook te maken met het geinige uitgangspunt van deze niet al te dikke kinderroman. Hoofdpersoon Jonna woont in een verschrikkelijk kindertehuis maar wordt eindelijk, op haar negende, geadopteerd door een gorilla. Jonna vindt dat eerst een verschrikking, bovendien komt ze in plaats van in een net huis met een nette kinderkamer in een oud-ijzerhandel terecht, maar al snel blijkt het toch wel heel fijn bij deze pleegmoeder. Natuurlijk is er een bedreiging van buitenaf met nare commissies en nare inspecteurs, maar de nieuwe warmte tussen Jonna en Gorilla zorgt dat de liefde overwint.
Een vrolijk verhaal, niet al te serieus, maar toch met wat ernstige ondertonen. Het boek werd fijn vertaald door Femke Muller.
136 pagina's, leeftijd: 9+. Koop dit verhaal bij je lokale boekhandel, of anders hier.
dinsdag 15 september 2020
KONING VALENTIJN - Tim Gladdines (Marmer)
maandag 7 september 2020
HET LICHT IN JE OGEN - An Rutgers van der Loeff (Ploegsma)
Kees raakt slechtziend (en daarna langzaam blind) nadat hij in een kalkput op een bouwplaats is gevallen. Dit gebeurt al vroeg in het verhaal en de meeste bladzijden van het boek zijn gewijd aan Kees' langzame leren omgaan met het blind zijn en aan de dagelijkse gang van zaken op het instituut. Een mooie rol is weggelegd voor de vriendschappen, die met de ziende Geurt (zijn beste vriend vóór het ongeluk) en met de blinde Wiebe.
Het licht in je ogen lijkt, mede door de titel, een boek met een groot gehalte aan ziekte-drama, maar wat nu juist treft bij het lezen is de levendige, beweeglijke toon. Die past dan ook volledig bij de drukke Kees, die aanpakken wil, die de wereld in wil, die druk en opvliegend is, die toppen van blijheid afscheert en dan weer snikkend in zijn hoofdkussen op zijn bed ligt. Daarmee schiep Rutgers van der Loeff een heerlijke hoofdpersoon waarin het als lezer moeiteloos instappen is.
Het fijnst is natuurlijk, opnieuw, Rutgers van der Loeffs kwieke taalgebruik, met haar zilversnelle dialogen en haar in een handomdraai verwoorden van soms heel complexe gevoelens. Voorbeeld? 'Kees dacht weer aan deze middag waarop de wereld van het licht voor hem was opengegaan, maar daarvan kon je niets aan je vader vertellen, ook al was hij schilder.'
Of, als Kees voor het eerst een trompet probeert te bespelen: 'Maar er kwam geen geluid. Hij had de eenden willen antwoorden. Hij had de ganzen iets willen toeroepen, hij wou recht naar de blauwe hemel blazen. Maar er gebeurde niets. Hij zat daar alleen met een rode kop en moest zichzelf uitlachen.'
Natuurlijk is het taalgebruik dat van de jaren vijftig (wat trouwens ook extra charme geeft), maar dat stoort nergens en ik denk dat dat komt omdat er zoveel vaart is. Hier zien we dat met name in de lol tussen de kinderen op het blindeninstituut - want die sparen elkaar niet: 'Moet je horen,' lachte Cootje. 'Ik liep in 't speelkwartier achter meneer Van der Veer en die vreemde dame die hier is komen kijken. En weet je wat ze zei? Zij had Miesje Krol gezien, hè? Nou, zei ze, die kleine Miesje, wat vind ik dat toch een dot van een kind!' Cootje sprak opeens heel geaffecteerd en met een dik opgelegde nadruk. 'En wat een ogen! Wat een scháttige ogen heeft dat stakkerdje! - Nou, ze moest es weten dat Miesje die schattige ogen 's avonds uitdoet!'
Ja, ook dit boek is weer fris van toon, het is geweldig geschreven en het eindigt heel ontroerend. Daarmee moet ik het, ik kan niet anders, opnieuw bestempelen als een van de fijnere RvdLoeffen.
Lees mijn vorige Rutgers-van-der-Loeff-leesverslagen hier, hier, hier, hier, hier en hier.





